Net als bij ZKM zelfonderzoek liggen de wortels van focusing in de jaren ’70 van de vorige eeuw. De Amerikaanse filosoof en psycholoog Eugene Gendlin onderzocht bij de beroemde psychotherapeut Carl Rogers, wanneer iemand baat had bij psychotherapie en wanneer niet. Het bleek dat succesvolle cliënten vaak aarzelend en zoekend spraken. Daarbij checkten zij in hun lijf of het klopte wat ze zeiden of dat er betere woorden bij pasten. Gendlin ontwikkelde gaandeweg een aantal stappen die dit proces leerbaar en overdraagbaar maakte voor iedereen en noemde het Focusing.

felt sense

Een centraal begrip bij focusing is felt sense. Het is dat wat je in je in je lijf ervaart, wanneer je aandacht schenkt aan iets wat je bezig houdt, bv. een situatie op je werk of een onbestemd gevoel. De felt sense is dus niet datgene wat jou nu bezig houdt, maar wat je op dat moment in je lijf beleeft. Bij focusing keer je naar binnen en maak je contact met je lijf. Je blijft met aandacht en respect bij die felt sense die zich in je lijf aandient. Dan merk je dat die felt sense impliciet richting en betekenis voor je heeft. Je lijf weet heel goed wat de volgende stap in de goede richting moet zijn. Door benieuwd bij de felt sense aanwezig te blijven, ontvouwt deze zich: de richting en betekenis openbaren zich. 

Focusing is een vermogen dat wij van nature allemaal hebben. Het is een natuurlijk proces waarmee we als volwassenen helaas het contact verloren hebben. Gendlin heeft een aantal stappen ontwikkeld om dit proces leerbaar en overdraagbaar te maken. Als je de stappen tot je door laat dringen, krijg je een goed idee van van focusing als vorm van zelfonderzoek. 

  1. Innerlijk ruimte maken: een houding van bewuste aandacht aannemen.
  2. De felt sense bemerken: iets opmerken in je lijf.
  3. Een handvat zoeken: welk woord, beeld of sensatie past bij die felt sense.
  4. Resoneren: je toetst of dat wat opkomt past voor die felt sense.
  5. Vragen stellen/het erbij zijn: het proces ontvouwt zich.
  6. De verandering in ontvangst nemen. 

bio-spiritualiteit

In mijn opleiding psychosociaal werk heb ik kennis gemaakt met focusing. In 2019 heb ik leren focussen bij Focuscentrum Aaffien de Vries↪. Het was voor mij een bijzondere ontdekking dat twee paters jezuïeten in de VS de relatie tussen focusing en de spiritualiteit van Ignatius van Loyola hebben uitgewerkt. Aaffien schreef hierover een mooie blog↪. Peter Campbell en Ed McMahon stichtten The BioSpiritual Institute↪. Focusing is een vaardigheid die sterke overeenkomsten heeft met de Onderscheiding van de Geesten zoals de jezuïeten die leren. 

De paters geven aan dat focusing vooral gaat over een levenshouding: bewust zijn, ontvankelijk zijn, leven van binnenuit. Zij noemen die houding de habit of felt sensing. Je hoofdbrein met zijn denken moet ondersteund worden door je lijfbrein met zijn innerlijk weten: the habit of noticing and nurturing. Daar vanbinnen weten ze wat nodig is, welke aandacht nodig is. De paters vragen speciaal aandacht voor dat wat we liever kwijt dan rijk zijn. Dat wat je in de weg zit, is volgens hen een roep van de ziel. Als je hierbij liefdevol aanwezig kunt zijn (focusing), kom je in contact met twee levensbronnen. De living forward energy (Gendlin) of source of life energy (de paters) wordt in christelijke termen genade genoemd. De source of how to live in harmony wordt in christelijke termen openbaring genoemd. Focusing helpt zo om je naar het goede of God toe te bewegen. Ignatiaans gesproken helpt focusing onderscheiden wat troost geeft.