geraakt worden

Geloof is iets wat je raakt. Geloven gaat niet over het verstand, hoe belangrijk ons verstand ook is. Het helpt ons bijvoorbeeld om waarheid van leugen te onderscheiden en om de wereld om ons heen te begrijpen. Zonder verstand zouden wij geen mens zijn, zouden wij als biologische soort al lang uitgestorven zijn. Geloof is ook niet het aannemen van een serie dogma’s en regels van een kerk en je leven daardoor laten bepalen. Geloven is een kwestie van het hart: de zetel van je gevoel en emoties en de bron van jouw liefde voor een ander. Het is de plek waar je geraakt wordt door de Bron van Liefde. Je kunt een pantser om je hart heen leggen zodat de pijlen afketsen, maar je kunt het ook open zetten en je laten raken. En dat is wat er dezer dagen volop met mij gebeurt.

In het Dominicanenklooster in Huissen vier ik sinds woensdag samen met andere gasten, de gemeenschap hier en mensen van buiten de Goede Week: de periode in het jaar waarin de kerk het lijden, sterven en de verrijzenis van Jezus Christus gedenkt. De liturgie is prachtig, ingetogen en met veel samen zingen en gedenken van Jezus’ boodschap van liefde voor mensen. Ik word iedere keer geraakt door de boodschap die in deze dagen telkens terugkomt, dat ieder mens van waarde is en dat Jezus naast de misdeelden en verdrukten stond. Dat Hij heeft laten zien in woord en daad waartoe wij mensen geschapen zijn, namelijk om elkaar nabij te zijn, te steunen en te helpen, niemand uitgezonderd. In iedere viering bij de voorbeden (de hardop uitgesproken uitnodiging om mensen of groepen mensen in je gedachten of gebed mee te nemen) worden ook altijd de homo’s genoemd. Deze openheid en betrokkenheid bij mens en maatschappij is kenmerkend voor de Dominicanen; en voor Jezus’ boodschap zoals Hij die heeft voorgeleefd. En dat raakt mij in mijn hart.

In deze tijd van het jaar, in deze omgeving van het klooster in Huissen, kan ik niet aanwezig zijn zonder mij te laten raken door wat ik zie en ervaar. Op Witte Donderdag de “Gedachtenis van het Laatste Avondmaal van Jezus Messias” vieren met zo’n 100 mensen rondom een lange tafel, een mooie overweging van André Lascaris o.p., prachtige zang van de cantorij en samenzang met elkaar: voor mij wordt dan invoelbaar hoe Jezus met zijn leerlingen zijn laatste avondmaal vierde. Jezus die tijdens de maaltijd opstaat en zijn leerlingen de voeten wast, toont dat dienstbaarheid betekent dat je handelt (Johannes 13: 17). En ook dat raakt mij: hoe dienstbaar ben ik, hoe egocentrisch ben ik? Iedere viering zijn er wel momenten, die mij raken.

Dat is ook precies waar het hier om gaat, volgens mij. Mijzelf laten raken door het meeleven met deze periode uit het leven van Jezus en mijzelf dan vervolgens de vraag stellen: en ik dan? Waar sta ik nu? Wat betekent dit voor mij en voor mijn leven? En die vragen stel ik mijzelf zonder mijzelf met mijn antwoord te veroordelen. De vieringen, de overwegingen, de manier waarop Jezus met Zijn leerlingen omging: alles toont dat de bedoeling niet is dat ik mij schuldig en klein ga voelen, maar dat ik mij bewust word van mijn handelen naar andere mensen. En dat ik probeer om iedere keer iets meer in Zijn geest te handelen. Geen straf en boete omdat Hij voor of door mijn zonden gestorven zou zijn, maar een uitnodiging om Zijn voorbeeld te volgen en telkens weer iets goeds te doen en een iets beter mens te worden. Stapje voor stapje. Dat is een uitnodiging waarop ik graag inga.