wòrden

Van een vriendin kreeg ik een boek te leen van Ben Bos: Alles is één. Kanttekeningen over psychologie en mystiek. Zij is door Ben opgeleid in de psychosynthese bij het Centrum Psychosynthese Holland. Ben was mede-oprichter van dit centrum en had in haar woorden “ook een monnik in zich waar hij behoorlijk mee heeft geworsteld bij tijd en wijle. Hij deelde dat regelmatig in de therapiegroep of in zijn workshops en het is deels terug te vinden in zijn boeken.” De psychosynthese wordt ook wel de psychologie van het hart genoemd. Het is een praktische en positieve psychologie, ontwikkeld door de Italiaanse psychiater Roberto Assagioli, die de mens in zijn wezen benadert. Meer dan je zorgen of wisselende stemmingen is er een stille onveranderlijke plek in je innerlijk, ‘het zelf’: een liefdevol en krachtig centrum. Psychosynthese is er mede op gericht om dit ‘zelf’ te ontwikkelen. Jaren geleden heb ik de prachtige en liefdevolle benadering van deze psychologie zelf in therapie mogen ervaren.

Ben Bos schrijft een zin die bij mij blijft haken. Ik citeer hem hier samen met de voorafgaande alinea, omdat die context nodig is om hem te begrijpen. “Ik ben veel meer dan mijn zelf – manifestaties in het leven van alledag. Ik heb een voorgrond (mijn bewuste, PW) en een niet direct peilbare achtergrond (mijn onbewuste, dat de psychosynthese in drieën verdeelt, PW). Wanneer wij elkaar in de voorgrond ontmoeten, ligt er een enorme wereld achter. Het gaat niet aan, een ander volledig te identificeren met zijn aanwezigheid van dit moment. Elk mens die ik ontmoet is vloeiend. Kan zo meteen ‘anders’ zijn. Gemakkelijke, typologische oordelen over een ander zijn altijd vooroordelen, zeker wanneer ik in mijn oordeel de ander dan ook nog afwijs, waardeloos vind, op de vuilnishoop gooi, haat, kan verscheuren. Leef ik in vooroordelen, dan kies ik voor strijd – straf – kwetsen – niet verstaan – jaloezie – vernietiging – bijtzucht etc. Erg vrolijk wordt de wereld er niet van. Ik vorm in dat geval een schakel in de ketting van het lijden. Roberto verbreekt die schakel. Hij kiest voor liefde, voor de Ziel, voor ruimte opdat ik mezelf kan zijn en zo kan wòrden.

Het streepje op ‘wòrden’ is hier essentieel. Het geeft aan dat ik niet een vastomlijnd iemand bèn, maar dat ik ‘in wording’ ben. Ik ben dus groeiende. Ook fysiek is dat zo: alle cellen in mijn lichaam worden voortdurend vernieuwd. De Nieuwe Katechismus uit 1966, die ik gelezen heb tijdens mijn geloofsgesprekken, verwoordt het zo: God heeft niet geschapen, maar God schept. De schepping is niet iets vaststaands vanuit het verleden, maar is permanent in wording. Iemand vertelde mij over roeping, dat dat geen ‘ding’ is dat je hebt maar dat roeping een proces is. Ik vind dit een zeer bevrijdend inzicht, dat door Ben Bos prachtig is verwoord. Ik ben niet maar ik word. Het geeft mij een groot gevoel van ruimte om zo naar mijzelf en anderen te kijken. Het maakt mij liefdevol naar mijzelf en naar anderen. Dank je wel, Ben Bos.